Blog

nondualiteit, advaita, direct waarnemen

Advaita valkuil (en: Advaita Trap)

De advaita trap (Nederlands: de Advaita valkuil) is een vorm van ontkenning en vermijdingsgedrag door identificatie met het absolute. Iemand die in de Advaita valkuil zit heeft gezien dat hij/zij niet de persoon is en trekt daaruit de conclusie dat gevoelens, gedachten en het dagelijks leven hem/haar niet kunnen raken. Men redeneert dan dat de wereld en de persoon onecht zijn en dat de ‘ik’ als het absolute daarbuiten staat, hoewel dit niet de gerealiseerde ervaring is.

Gevangen in zinloosheid
De advaita valkuil kenmerkt zich door zinloosheid en het zweven op een roze wolk. Bij zinloosheid is niets meer ‘mooi’, het leven zinloos, werk onbevredigend en geen enkel doel is het waard om je voor in te zetten. Er zit kraak nog smaak meer aan doordat alles (ik, anderen, voorwerpen) wordt gereduceerd tot labels die niet refereren aan iets echts.
Wat hierbij over het hoofd gezien wordt is dat er gedachten/gevoelens/sensaties nodig zijn om dingen te labelen als onecht betekenisloos of zinloos.  Er is feitelijk geen sprake van het zien dat niets is wat het lijkt, maar van een gebrek aan echtheid dat nog niet gezien is.
Het is een soort van cirkelen rond de conceptuele tegenstelling echt/onecht, waar/niet-waar, waardevol/niet-waardevol waarbij er een verbod is ingesteld op de de positieve kant van die tegenstellingen omdat die herkent zijn als onecht. Dat onecht en zinloos zelf ook concepten zijn is dan nog niet doorzien.
Vaak is dit een fase die verlammend aanvoelt, sommige mensen (mannen) hebben hier meer en langer last van dan anderen.

Identificatie met de waarnemer
Je zou kunnen zeggen dat er bij de Advaita Trap een overdreven identificatie met de waarnemersrol is, die ingezet wordt om gevoelens, gedachten en de confrontaties met het dagelijks leven te vermijden. Soms gaat dit gepaard met het aannemen van een (tijdelijke) guru/leraar status, soms is het (onderdeel van) een fase die iemand doorgaat waarbij hij/zij meent iets doorzien te hebben wat anderen niet doorzien hebben (het één sluit het ander niet uit). In beide gevallen is er sprake van identificatie als een verlicht-persoon en dus van afgescheidenheid en, zoals bij elke sterke identificatie, van ontkenning en vermijdingsgedrag.

Advaita trap voor het doorzien van de illusie
Een afgeleide van de Advaita Valkuil kan ook men ook al invallen vóórdat de illusie van een afgescheiden-ik is doorzien. Dit kan gebeuren bij intellectualisering van non-duale beginselen bijvoorbeeld door veel te lezen over het onderwerp. De realisatie is dan niet doorleefd maar ‘ik-ben-bewustzijn’ (versus: ik ben de persoon) en ‘betekenis-bestaat niet’ worden wel als waarheid aangenomen. In dat geval is het concept van onecht/niet-waar en niet-waardevol een absolute waarheid geworden wat zelfs tot depressies kan leiden. Niets is het dan nog waard om mee aan de slag te gaan.